Dagboekfragment I: Over Beverwaard

Het is koud en druilerig als we voor het eerst aankomen in Beverwaard. Een grijze dag is het beste moment om een nieuwe plek te ontdekken. Als een wijk je bevalt onder een grijze lucht, dan wordt het alleen maar mooier wanneer de zon weer gaat schijnen.

Aan de ene kant van de weg is de tramremise en de witte gebouwen van het AZC. Aan de andere kant is de ingang van de wijk. Vlakbij de plattegrond staat een beeldje van een bever. We hebben geen kaart nodig. We zijn op de goede plek. Kan niet missen.

Het is stil op straat. We wandelen langs een van de slootjes in de richting van het centrum. Onderweg komen we verzorgingstehuis De Wetering. Een oude vrouw achter het raam zwaait naar ons. Wij zwaaien terug. Bij snackbar Verhage drinken we een kop koffie.

Is Beverwaard mooi? Nee. Niet mooi zoals de kanalen van Venetië of de moskeeën van Istanbul. Er is geen grijze lucht voor nodig om dat te zien. Maar het voelt wel gelijk al fijn om hier te zijn. Knus, op een bepaalde manier. Misschien komt het omdat de huizen hier niet zo hoog zijn als in de rest van Rotterdam. Misschien omdat de mensen die we tegenkomen ons allemaal groeten. We zijn op genoeg plekken geweest waar dat niet zo is.

Ja, denk ik als we verder, door een van de groene parken in de wijk, ik snap best dat je je hier thuis kunt gaan voelen. Ondertussen is ook de zon een klein beetje gaan schijnen.   

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *